Het BORO*ATELIER

woordenEmma van Egmond
beelden: Barbara Michelle Edelman

LIEFKE Editie 10 Voorjaar Doeken Edit-2264

Midden in de multiculturele Amsterdamse wijk Bos en Lommer ligt het eerste duurzame en sociale textielproductieatelier van West Europa: het BORO*ATELIER. Op deze snel ontwikkelende plek wordt op kleine schaal textiel genaaid, geverfd en bedrukt met natuurlijke pigmenten.

Marte Haverkamp verwelkomt me in het karakteristieke pand waar verschillende creatieve bedrijven gehuisvest zijn. Lopend door de ruimte zie ik ouderwetse naaimachines en grote geverfde doeken die in een hoek hangen te drogen. De hoge, industriële atelierruimte ademt warmte. De uitgestalde stoffen en kleuren geven me een vrolijk gevoel. Marte is naast zelfstandig kunstenaar ook marketing en PR-manager bij het atelier. Naar eigen zeggen doet ze hier duizend eneen dingen. ‘Het BORO*ATELIER heeft mijn hart gestolen. Ik voel liefde voor deze plek en alle mensen die ik hier ontmoet. Het is fijn om met elkaar iets moois te maken en tegelijkertijd iets goeds te doen.’

LIEFKE Editie 10 Voorjaar Doeken Edit-2297

We nemen plaats aan de grote tafel in de ruimte, waar Marte me vertelt waar het BORO*ATELIER voor staat. ‘Het woord ‘boro’ komt uit Japan en betekent: gebruik alles en verspil niets.’ Dat is precies wat oprichters Lotje Terra en Celia Geraedts voor ogen hadden, toen zij besloten om samen het BORO*ATELIER op te zetten. Alles gebruiken en niets verspillen doen zij enerzijds door geverfde reststoffen en ‘onbruikbare’ materialen om te toveren tot iets waardevols zoals bijtringen, speendoekjes of vlaggenlijntjes en anderzijds door geen enkel talent onbenut te laten. Het BORO*ATELIER begeleidt langdurig werkzoekenden en statushouders met een speciaal opleidingstraject naar betaald werk, met als doel de armoede in Amsterdam te bestrijden.

Nog steeds groeit één op de vier kinderen in Amsterdam op in armoede. De meest efficiënte en duurzame manier om dit probleem aan te pakken, is mensen aan het werk helpen. Behalve leren naaien, zeefdrukken en ‘natuurlijk’ verven, helpt het atelier deelnemers (re)integreren in de samenleving. Er werken mensen uit onder andere Syrië, Eritrea en Ethiopië. Vaak spreken zij nog geen goed Nederlands en ervaren ze een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Het atelier werkt samen met een taalschool om hen de Nederlandse taal te leren. 

Naast socialer wil het BORO*ATELIER de wereld duurzamer maken. Marte legt uit: ‘De textielindustrie is na de olie-industrie de meest vervuilende ter wereld.

De toxische, synthetische kleurstoffen die worden gebruikt voor het verven, worden veelal zonder deze te zuiveren in de natuur geloosd. In de zogeheten fast fashion-landen kleuren rivieren mee met de modekleuren van het seizoen. Ook de huid, ons grootste orgaan, absorbeert schadelijke stoffen uit het textiel dat we dragen, waaronder we slapen, waar we op liggen en ons mee afdrogen.’

Behalve voor de maker kunnen kleurstoffen dus ook schadelijk zijn voor de drager. Het BORO*ATELIER doet het daarom anders. Door textiel te verven op een manier die niet-toxisch is en minder water verbruikt, biedt het een duurzaam en veilig alternatief voor synthetische verf. De verfstoffen komen uit planten, wortels en mineralen, zijn biologisch afbreekbaar en zacht en veilig voor de huid. Marte vertelt dat veel mensen bij natuurlijk verven aan saaie, ouderwetse kleuren denken. Niets is minder waar. De heldere, rijke en diepe kleuren van de geverfde stoffen die ik om me heen zie, verrassen me. Marte: ‘Onze natuurlijke kleuren zijn van alle seizoenen. Je hoeft niet steeds nieuwe kleding te kopen en trends te volgen. Want iets dat goed is mag toch blijven?’ 

Steeds meer ontwerpers en modemerken voelen de noodzaak om kleding duurzaam en veilig te verven. Ook bij consumenten groeit de interesse naar natuurlijk geverfde producten. Zo is er vanuit de mannenmode een grote groep spijkerbroekliefhebbers met liefde voor indigo-geverfde broeken; deze hebben een diepe kleur en slijten op een mooie manier. Het BORO*ATELIER werkt onder andere voor G-Star, Tenue de Nîmes en Levi’s. ‘We werken graag voor grote merken omdat we daarmee meer sociale en duurzame impact kunnen maken. Alles wat bij ons natuurlijk geverfd wordt, hoeft daardoor niet chemisch geverfd te worden. Maar we zijn te klein om op grote schaal te produceren. Daarom dromen we van een groter atelier met grotere vaten om in te verven. Zo kunnen we ook meer deelnemers laten doorstromen naar een baan.’

LIEFKE Editie 10 Voorjaar Doeken Edit-2597

Het BORO*ATELIER probeert om op een natuurlijke manier het goede te doen. Dat is niet altijd eenvoudig. Zowel het naar werk begeleiden van deelnemers als het natuurlijk verven, is een langzaam en complex proces dat geduld, tijd en aandacht vergt. ‘We kiezen de moeilijke, maar voor ons enige weg. Omdat we sociaal en duurzaam werken, gaat bij ons alles dubbel zo langzaam. Toch kunnen en willen we niet anders. Zo deden we er lang over om een duurzame verpakking te vinden voor BORO*MINI, ons eigen merk babykleding en accessoires. Binnen de norm die we hadden gesteld, vonden we niets goed genoeg. Tot we inzagen dat je niet alles meteen perfect kunt doen.’ Daarom kozen ze een suboptimale verpakking en zijn ze nog bezig met de zoektocht naar een duurzamere versie. ‘Klanten vragen niet per se om de meest duurzame verpakking, wij willen dat zelf. Onze lat ligt soms zo hoog dat we stagneren. Door eraan toe te geven dat alles een proces is en het niet in één keer hoeft te lukken, ontstaat ruimte. We mogen onderweg leren.’ 

Marte vertelt dat je natuurlijk verven niet uit een boekje leert. Het is een ambacht en dat betekent dat je moet oefenen om het onder de knie te krijgen. ‘Natuurlijke verf is net als wijn: de druif blijft hetzelfde, maar de wijn smaakt na elke oogst net iets anders. Zo verft elk indigovat anders. Soms is de kleur sterker en valt de stof donker – der uit. Omdat we het al zo vaak gedaan hebben, weten we dan wat we moeten doen. We varen daarbij op onze intuïtie.’ Omdat de producten constant van kleur moeten zijn, worden de kleuren continu getest. Toch is elk geverfd product net een beetje anders. De wisselende kleurschakeringen maken de producten uniek. ‘Laatst vroeg een klant om de donkerste kleur grijs en het lichtste groen. Die kleuren zocht ik met alle liefde voor haar uit.’ 

Elke vrijdag maakt het BORO*ATELIER tijd om te experimenteren, leren en spelen. Welke nieuwe tinten kunnen we ontwikkelen? Wat gebeurt er als je iets dat je roze hebt geverfd in ijzerverfstof doet? Hoe zorg je ervoor dat een kleur na tien keer wassen nog steeds helder is? Roua Alhalabi, een Syrische vluchteling, is het brein achter alle kleuren. Roua studeerde in Syrië aan de kunstacademie en werd uiteindelijk grafisch vormgever. In Nederland wilde ze haar talent gebruiken en tegelijkertijd iets bete – kenen voor anderen. Bij het atelier ontwikkelde ze zich tot docent ‘natuurlijke verf- en zeefdruk’. Door haar intuïtie te volgen en te experimenteren, kwam zij tot de ‘natuurlijke’ kleur groen.

LIEFKE Editie 10 Voorjaar Doeken Edit-2542

‘Tijdens deze labdagen op vrijdag krijgen we grip op materialen en doen we ontdekkingen’, legt Marte uit. ‘Bij natuurlijk verven mag je leren van mislukkingen. Deze leiden soms tot iets moois zoals een nieuwe kleur of een manier waardoor verf beter hecht. Elk soort textiel – van katoen en linnen tot wol en zijde – reageert anders op een verfbad. Elke kleur heeft een eigen volgorde van verfbaden om tot de juiste kleur te komen. Zo geldt voor indigoblauw: hoe meer dips in het verfbad, hoe donkerder de kleur. Om een diepere tint roze te krijgen met meekrap – dat wordt gewonnen uit de wortel van een plant – heeft het verfbad een hogere temperatuur en het textiel een langere tijd in het bad nodig. Van ieder product maken we een sample waarbij wordt onderzocht wat de beste volgorde en verhoudingen van ingrediënten zijn om tot de juiste kleur te komen. Vinden we het passende verfrecept, dan wordt dat opgeschreven in de boeken.’ 

Naast innoveren en verbeteren is er bij het BORO* ATELIER voldoende plaats voor spontaniteit. ‘Kleuren buiten de lijntjes haalt vaak het mooiste in mensen naar boven. Door de lat niet te hoog te leggen zijn deelnemers vanuit een intrinsieke motivatie aan het werk, met ruimte om plezier met elkaar te maken.’ Mensen met verschillende leeftijden, etnische achtergronden, religies, genders; ze ontmoeten elkaar in het atelier. ‘De een is heel introvert, de ander het tegenovergestelde. Ik ben weleens bang dat het botst, maar vaker helpen deelnemers elkaar en ontstaan bijzondere vriendschappen. Zo was er een oudere dame die met een Syrische man in gesprek ging. Ze had het vermoeden dat hij worstelde met zijn homoseksualiteit en wilde hem laten weten dat ze er voor hem was. Met haar hulp durfde hij uit de kast te komen.’ 

Marte is blij met wat het BORO*ATELIER voor mensen betekent. ‘Onze deelnemers vinden het hier fijn. Ze ervaren het atelier als een warm bad, een plek waar ze gewoon zichzelf kunnen zijn. Er komt bijna nooit iemand met een slecht humeur binnen en als dat wel zo is, gaat hij of zij in ieder geval niet chagrijnig weer weg. Van een klantmanager van de gemeente kreeg ik te horen: “het is zo bijzonder om mensen die hier stage lopen te zien veranderen. De uitdrukking op hun gezicht wordt zachter en ze zien er gelukkiger uit.” Dat is het grootste compliment dat we kunnen krijgen.’